Waarom het 6×6 dieet

Waarom 6x6 dieet?

De manier hoe je lichaam omgaat met voedingsstoffen (= de stofwisseling) heeft grote invloed op jouw gezondheid. Een te grote buikomvang, het zogenaamde ‘buikje’, verstoort de stofwisseling. Dit is vaak de oorzaak van verhoogde bloedsuiker, diabetes, hoge bloeddruk, verhoogd cholesterol, slaapapnoe en leververvetting. Vaak is dit omkeerbaar. Je kunt namelijk je stofwisseling resetten met het 6×6 dieet. Het lichaam wordt weer gezonder en je voelt je fitter.

Waarom val ik met 6x6 dieet wel af?

Als je te zwaar bent en uw buikomvang is te groot, dan is er vaak sprake van insulineresistentie (= ongevoelig voor insuline). Meestal merk je hier niks van, maar  het kan ook zijn dat ‘je suiker al een beetje verhoogd is’ of dat je diabetes hebt of andere gezondheidsklachten.

Insuline is een hormoon dat ervoor zorgt dat na de maaltijden de suikers (glucose) uit het bloed gehaald worden. Normaal gesproken is dit een kwestie van vraag en aanbod. Maar bij overgewicht wordt je minder gevoelig voor insuline waardoor er extra insuline aangemaakt wordt.
Insuline doet méér dan alleen het regelen van de glucosespiegel. Het heeft ook invloed op de vetstofwisseling. Hoe meer insuline er gemaakt wordt hoe moeilijker het afvallen gaat.

Met het 6×6 dieet wordt de stofwisseling gereset, waardoor je weer gevoeliger wordt voor insuline. De overproductie van insuline neemt weer af en de vetafbraak neemt toe. Dus je gewicht daalt.

Waarom 6 x per dag 6 gram koolhydraten?

Het is de bedoeling dat de productie van insuline afneemt. Hoe minder koolhydraten gegeten worden, hoe minder glucose er in het bloed komt en hoe minder insuline er aangemaakt wordt. Bij 6 gram koolhydraten blijkt er zo goed als géén insuline meer gemaakt te worden.

Het lichaam heeft dagelijks een kleine hoeveelheid koolhydraten nodig. Om in deze behoefte te voorzien, zijn er 6 eetmomenten nodig met 6 gram koolhydraten. Vandaar ook de naam 6×6 dieet.

Waarom heb je begeleiding van een diëtist nodig?

Het 6 x 6 dieet® is heel anders dan andere diëten. Het is voor de meesten een grote omschakeling. De ervaring is dat met begeleiding van een diëtist het resultaat beter wordt. Begeleiding wordt zeker geadviseerd als er naast het overgewicht andere gezondheidsproblemen zijn.

Door te starten met het 6×6 dieet wordt je stofwisseling gereset. Het resetten lukt alleen als de voeding goed is samengesteld: niet teveel koolhydraten en voldoende eiwitten en vetten. Is er geen goede balans, dan kunnen er klachten ontstaan en zul je minder resultaat zien. Dat zou jammer zijn voor al je inspanningen.

De diëtist kan jouw voeding goed beoordelen en je hierbij adviseren en zo nodig bijsturen. Ook kan zij je advies geven over hoe je het aantal koolhydraten na verloop van tijd mag uitbreiden. Wanneer je medicijnen gebruikt, kan de diëtist in overleg met je behandelaar de dosering aanpassen.
Op langere termijn blijft begeleiding door de diëtist zinvol, zij kan je ondersteunen bij het aanleren en vasthouden van een nieuwe leefstijl. Uit onderzoek blijkt dat dit een goede manier is om het risico op terugval in oude gewoontes te verminderen.

Heb je diabetes type 2 en gebruik je hiervoor medicatie en/of insuline, dan moeten deze afgebouwd worden voordat je kunt gaan starten met het 6×6 dieet. Doe dit nooit op eigen houtje, ga altijd in overleg met je diëtist en de praktijkondersteuner van je huisarts

 

Waarom buikomvang in plaats van gewicht?

De lichaamsbouw verschilt van persoon tot persoon. Als iemand een te hoog gewicht heeft, is het belangrijk te kijken waar de extra kilo’s zitten. Extra gewicht rondom de heupen is minder ongezond dan extra gewicht rondom de middel. Daarom is de buikomvang een betere graadmeter voor de gezondheid dan de BMI (verhouding gewicht en lengte).

Het 6×6 dieet geeft goede resultaten als je een te grote buikomvang hebt. Ben je man en is je buikomvang groter dan 102 cm? Of ben je vrouw en je buikomvang is groter dan 88 cm? Dan kan het 6×6 dieet een optie voor jou zijn.

Hoe meet ik mijn buikomvang?

  1. Ga rechtop staan
  2. Breng een meetlint (centimeterband) aan rond je middel op de blote huid
    (bij voorkeur meet je de middelomtrek tussen de onderste rib en de bovenkant van je bekken; lukt dit niet neem dan het breedste punt)
  3. Trek het meetlint niet te strak aan
  4. Je kunt nu aflezen wat je buikomvang is